Mijn vorige poging met Monster Hunter liep al gauw spaak. Ik werd al snel overspoeld met bergen items en complex ogende gameplay-mechanieken, waardoor ik afhaakte. Bovendien ben ik simpelweg geen fan van games met uitgebreide verzamel- en crafting-elementen. Ook vond ik de multiplayer verwarrend: alleen spelen leek geen goed idee, maar toen ik hulp van andere spelers inschakelde, had ik het gevoel dat zij het spel voor mij speelden. Mijn eerste indruk was dus vooral verwarring. Precies die verwarring is wat de ontwikkelaars van Monster Hunter Wilds hebben aangepakt.
Wanneer je aan de slag gaat met Monster Hunter Wilds, word je voor het eerst in de franchise volledig begeleid via een cinematische story campaign. Stap voor stap worden de belangrijkste systemen uitgelegd. Na vijftien à twintig uur bereik je de credits, maar de game is dan verre van voorbij. Sterker nog: er volgt nog meer verhaal, zij het minder cinematisch. Ook worden nog steeds nieuwe mechanics geïntroduceerd. Het verhaal fungeert als een uitgebreide tutorial. Dit suggereert misschien dat de game extreem complex is, maar dat valt mee. Je jaagt op monsters, verslaat ze en de game introduceert geleidelijk nieuwe gameplay-elementen. De focus als speler ligt vooral op het verhaal en de monsters zelf.
Het verhaal is voldoende, maar weinig meeslepend. De opzet is simpel: als hunter krijg je de opdracht een schijnbaar onbewoonde regio te verkennen en geruchten over een nieuw soort monster te onderzoeken. Al snel blijkt dat het gebied toch bewoond is. De Hunter’s Guild vindt een jongen die ontsnapte uit zijn dorp, dat werd aangevallen door het mysterieuze monster. Het verhaal bouwt hierop voort, maar biedt weinig diepgang. Pas tegen het einde krijgt het een milde plottwist met impact op de lore van de franchise.












Reacties (0)
Deel je mening over dit artikel met andere GameQuarter-lezers
Plaats een reactie