Het bedrijf dat recentelijk de Steam Machine lanceerde heeft aangegeven vrijwel geen onderhandelingspositie te hebben gehad bij het inkopen van werkgeheugen. Het is een markt die wordt gedomineerd door een klein aantal fabrikanten en zij hebben de touwtjes in handen. Sterker nog, Valve heeft laten weten dat wie geen akkoord geeft op de gevraagde prijs, zomaar eens helemaal geen RAM kan krijgen.
Valve-medewerker Pierre-Loup Griffais liet in een interview met Gamers Nexus ontglippen dat het bedrijf weinig invloed heeft op de markt van werkgeheugen. Verder liet hij weten dat langdurige contracten momenteel helemaal niet bestaan.
“Er is geen contract, helemaal niets. Die bedrijven geven ons elke maand een prijs en zeggen: zoveel kun je kopen, ja of nee. Als we nee zeggen, horen we nooit meer iets van ze.”, aldus Griffais.
Niet alleen werd dit probleem duidelijk met de komst van de Steam Machine, want ook PlayStation en XBOX hebben aangegeven hier last van te hebben. De prijzen van RAM blijven alsmaar stijgen. Ook Apple heeft eerder al aangegeven hier last van te hebben.
Hoewel Valve het niet officieel wil bevestigen, zou de Steam Machine in eerste instantie rond de 750 euro hebben moeten zitten. Met de huidige prijzen is dat echter onhaalbaar. De prijzen worden voornamelijk opgedreven door AI-bedrijven, die erg afhankelijk zijn van RAM.







Reacties (0)
Deel je mening over dit artikel met andere GameQuarter-lezers
Plaats een reactie