Bij het lezen van deze recensie is het goed om in het achterhoofd te houden dat ik voor het eerst aan de slag ga met de franchise. Nooit eerder speelde ik een Gears of War-titel, want hoewel ik zowel de Xbox als de Xbox 360 in mijn bezit heb gehad, ben ik toch vooral een PlayStation gamer. De nostalgische gevoelens die menig gamer bij Gears of War: Reloaded zal hebben, heb ik dus niet. Ik hoop daardoor dat ik een open blik op het spel anno 2025 heb en heb zeker geen roze bril op. Dit vind ik belangrijk om te vermelden, omdat mensen met deze warme nostalgische gevoelens wellicht heel anders naar de titel kijken.

Let the game begin
Gears of War: Reloaded probeert de iconische serie nieuw leven in te blazen met een frisse laag verf en een aantal moderne toevoegingen. Bij het opstarten weet het spel grafisch direct indruk op me te maken: de cinematics zijn groots, de sfeer grimmig en de actie spat van het scherm. Ik merk ook direct dat de wapens krachtig aanvoelen en veel impact hebben. Het is wel frappant te noemen dat je met al dat geweld niet door een houten bankje heen kunt schieten, maar dat zal ik de ontwikkelaars vergeven.

Toch stelt het spel me al vrij snel een beetje teleur. Toen ik begon aan het avontuur, was een van de eerste dingen die mij opviel dat de besturing te wensen overlaat. Wapens wisselen of granaten selecteren voelt omslachtig door het gebruik van de D-pad en makkelijk een muurtje overklimmen of soepel cover-to-cover bewegen zit er niet in. Dat terwijl in het origineel het cover-to-cover-systeem juist zijn tijd vooruit was.
Het aimen gaat eveneens stroef en omdat de knoppen niet vrij in te stellen zijn, voelt de besturing extra beperkt. Zo zou ik bijvoorbeeld graag sprinten door de linker joystick in te drukken, maar de game dwingt mij tot het sprinten met behulp van de X-button.











Reacties (0)
Deel je mening over dit artikel met andere GameQuarter-lezers
Plaats een reactie