Qua thematiek staat het in ieder geval al in schril contrast met de meeste delen in de serie. Na een korte introductie, waarin we spelen als een jonge vrouw genaamd Velvet, zien hoe haar rustige leventje in een afgelegen dorp aan stukken wordt gereten nadat monsters het binnenvallen. Dat is op zichzelf al reden genoeg voor paniek, maar vervolgens aanschouwt ze hoe haar schoonbroer haar jongere broertje als een levend offer gebruikt in een duister ritueel. Dat doet wat met een persoon.

Timeskip
De tijd gaat vooruit. Het is nu drie jaar later en Velvet zit in een cel. Op die avond veranderde haar leven op nóg een manier, want ze werd besmet met daemonblight. In de meeste gevallen veranderen mensen eens besmet in afschuwelijke monsters, maar in het geval van Velvet heeft ze haar uiterlijk en persoonlijkheid in grote lijnen behouden. Het grote verschil is enkel haar linkerarm, welke ze kan transformeren in een klauw die alles en iedereen kan verorberen om haarzelf te versterken. O en ze is niet meer zo uitbundig en vrolijk als drie jaar geleden. De redenen spreken voor zich.
Dus wanneer onze gevangene de kans krijgt om te ontsnappen uit haar cel, heeft ze maar één doel voor ogen: wraak. En dat mag je nogal letterlijk nemen. Een van de tekenen van een daemon, is dat ze worden gedreven door een specifiek doel en dat zie je ook bij Velvet terug. Het koude levenloze lijf van haar schoonbroer is haar enige motivatie en om dat gerealiseerd te zien worden, is ze bereid om een spoor van dood en verderf achter zich te laten, zelfs van mensen die totaal niets van doen hadden met deze gebeurtenissen. Je kunt dus Velvet objectief geen heldin noemen, hetgeen al een flinke verandering is ten opzichte van de gebruikelijke Tales of cast.

Maar niet té groot
Dat gezegd hebbende, is en blijft het een Tales of-titel. Dit betekent dat het niet lang duurt voordat jouw lone wolf is omringd door een groep van misfits die haar om verschillende redenen vergezellen op haar avontuur. En hoewel Velvet niet het meest sociale mensetende monster is, warmt ze langzaam op voor de club, waardoor de lichtzinnige skits en onderlinge grapjes die we zo goed kennen van de franchise weer te pas en te onpas voorbijkomen. De thematiek blijft wat meer grimmig en serieuzer dan we gewend zijn, en niet elk karakter vond ik persoonlijk even geslaagd, maar wie bang is dat het gaat voelen alsof Miyazaki bij Bandai is gaan werken, hoeft daar niet voor te vrezen.
Misschien was dat echter anderzijds wel een verbetering geweest? Niet zo zeer qua toon, maar qua combat. In mijn optiek is combat in de meeste titels in deze serie een zwakke schakel geweest, maar Tales of Berseria is voor mij zelfs na het zien van de credits simpelweg niet geklikt.
Het hele idee ervan, is dat ieder karakter op het veld een beperkt aantal steentjes heeft. Door dingen te doen als een kill maken of een stun veroorzaken, kan je zo’n steentje stelen van een tegenstander, waarmee jij een extra aanval in je combo toe kan voegen voor je afstand moet nemen om te herladen. Hoe meer steentjes, hoe langer je combo en hoe meer speciale aanvallen je kunt uitvoeren. Vijanden kunnen echter hetzelfde, waardoor elk gevecht een beetje voelt als touwtje trekken.

Een chaotische puzzel
Bovenstaande samenvatting is een nogal grote oversimplicatie van het gevechtssysteem. Tot aan het eind van het spel wordt er op voortgebouwd, waardoor het alsmaar complexer en complexer wordt en dat zelfs op een andere wijze voor elk van de zes karakters. Dat vond ik persoonlijk geen positief iets. Je wilt dat een game, vooral een van tientallen uren, voldoende diepgang heeft om boeiend te blijven. In die zin is combat die blijft groeien geen gek idee. In Berseria is het echter niet als een boom waar nieuwe takken aan groeien die het geheel vormen, maar zes klimoppen die samen over dezelfde boom heen krioelen, die het al zwaar genoeg heeft door de verschillende insectensoorten die vechten om diens resources. Het geheel komt gewoon niet mooi samen in mijn optiek, waardoor ik na enige tijd besloot om dankbaar misbruik te maken van het feit dat ik de Deluxe Edition van het spel heb gekregen.
Lezers van mijn eerdere reviews, weten ongetwijfeld al wat er gaat komen: de Grade Shop. Normaliter is deze voorbehouden aan New Game+, maar met de Deluxe Edition krijg je genoeg punten om direct alles te kopen. Dus plots kon ik 600% XP krijgen, goedkopere items in de shop en meer. In no time kon ik mezelf zo overlevelen, dat simpelweg dom button bashen voldoende was om de game te klaren. Maar wederom, dat kun je niet als een positief iets bestempelen. Immers was ik daarna alleen maar aan het hopen dat het einde van het spel nu eindelijk zo komen, zodat ik hopelijk de kans had mijn tijd nuttiger te besteden. Dat is niet waar je een game voor speelt.
Conclusie:
Tales of Berseria: Remastered is niet slechter dan Tales of Xillia: Remastered, maar dat heeft meer te maken met de tekortkomingen van de tweede dan de pluspunten van de eerste. Het verhaal is boeiend en de moeite waard, maar combat is zo’n rommeltje dat het een hele hoge instapdrempel vormt.









Reacties (0)
Deel je mening over dit artikel met andere GameQuarter-lezers
Plaats een reactie