Het concept van Fever is simpel en slaagt in zijn opzet. Je bouwt tijdens een match een fever-meter op en zodra die vol zit, kan je de speciale move van je racket activeren. Er zijn in totaal dertig verschillende rackets, elk met hun eigen effect dat varieert van offensieve area-of-effect meuk tot meer defensieve effecten, zoals een shaduwkloon van je eigen personage die meehelpt ballen onderscheppen. Wat dit systeem zo leuk maakt, is de chaos en wisselwerking tussen spelers: als een tegenstander zijn fever move activeert, maar jij de bal onderschept voor hij de grond raakt, keer je het effect tegen hem. Dat geeft wedstrijden een partygame-achtige spanning die de vorige Mario Tennis-titels net wat ontbrak.
De chaos die hieruit voortkomt is aanstekelijk. Vier spelers op het veld met vier verschillende rackets en vier fever-meters die om de beurt afgaan. Dat is een recept voor gelach en kreten van verontwaardiging. Het is net datgene waardoor Mario Tennis zich onderscheidt van een gewone tennissimulator en écht een partygame wordt. In die zin slaagt Fever volkomen in zijn opzet.

Personages, HP en een mechanic die averechts werkt
Elk personage heeft HP-meter en als die er naar nul zakt, beweeg je tijdelijk trager, waardoor een tegenstander makkelijk punten kan scoren. In theorie klinkt dit als een interessante extra dimensie, maar in de praktijk voelt het eerder frustrerend dan uitdagend. De fever-rackets delen schade uit en veel van die aanvallen zijn bijna onmogelijk te ontwijken als je tegelijk de bal in het spel wil houden. Je wordt dus gestraft voor het spelen van goed tennis.
In dubbelspel, waarbij je met vier speelt, gaat dit nog verder. Bij nul HP verlaat je tijdelijk het veld. Gezien de hoeveelheid chaos in dubbelspel is dat vrijwel onvermijdelijk. Het voegt weinig toe aan het plezier en zit het spelverloop eerder in de weg. Een kleinigheid, maar het is de soort gamedesignkeuze die je je hoofd doet schudden.
Positiever is het aanbod van 38 personages, elk met kleine maar merkbare verschillen. De ene beweegt vlugger, de andere slaat harder. Geen revolutie maar voldoende om stijlen te laten botsen. Personages en rackets ontgrendel je door te spelen, wat een aangenaam gevoel van progressie geeft.

Single player: een te lang durende tutorial
De adventure mode is het zwakste onderdeel van de game. Reken op een uurtje of drie en wat je krijgt voelt aan als een inleiding tot de serie voor de jongere spelertjes. Banale tennisquizjes, minigames en tutorials wisselen elkaar af, allemaal bijzonder eenvoudig en voelen uiteindelijk aan als een uitgerekte tutorial. Er is een verhaal aanwezig, maar dat dient louter tot aankleding en knoopt de onzin wat aan elkaar. Uitdaging ontbreekt nagenoeg volledig.

Wat wél werkt zijn de Trial Towers, een afzonderlijke singleplayer-modus, waarbij je uitdagende matches speelt met allerlei gimmicks die je moet overwinnen. Dit is verreweg de leukste solo-ervaring die de game biedt. Maar dan stel je jezelf de vraag: waarom zit dit niet verweven in de adventure mode? Een combinatie van Trial Tower-uitdagingen met wat verhaallaag en karaktermomenten had de solo-ervaring zeker verbeterd. Nu voelen de twee modi als gescheiden werelden, terwijl ze samen iets veel sterkers hadden kunnen vormen. Dat dit vermoedelijk bewust zo is gedaan om de adventure mode echt toegankelijk te houden voor jonge spelers maakt het begrijpelijk, maar niet minder teleurstellend.
De Tournaments-modus keert terug van Mario Tennis Aces en is een klassieke bracket-formaat. Hier is niets mis mee, maar het is natuurlijk wel standaard kost.
Multiplayer
Online spelen kan zowel ranked als casual. Offline met vrienden werkt vlekkeloos en er is zelfs een hybride optie, waarbij twee spelers op dezelfde console het online opnemen tegen andere spelers. Dat laatste is een fijne toevoeging voor lokale co-op fans.
Fever is ook opvallend toegankelijk. De basisprincipes zijn snel geleerd: richt de bal naar de plek waar je tegenstander zich niet bevindt, gebruik je fever-vaardigheid op het juiste moment en houd je HP in de gaten. Voor een multiplayer potje toont het spel altijd de knoppenoverzichten op het scherm, waardoor je vrienden zonder enige uitleg kunnen aanschuiven. Ik heb het met heel wat mensen kunnen spelen en iedereen had plezier, ook mensen die heel weinig games spelen.

Maar uiteindelijk is Mario Tennis Fever geen bekwaamheid spel. De personages reageren heel soepel op je inputs, duiken automatisch om moeilijke ballen te redden en je hoeft daarvoor geen speciale knoppen te leren. In vergelijking met Mario Tennis Aces, waar je moves en trucs moest gaan meesteren om goed te worden, is dit een stap terug in technische diepgang. Het is duidelijk dat dit een bewuste keuze was om de pickup-and-play en fun-factor op te drijven, maar voor spelers die van dat extra laagje hielden voelt dit als een opmerkelijk gemis.
De prijs
Mario Tennis Fever kost €69,99 digitaal en €79,99 fysiek. Voor een game die zijn hoogtepunt heeft in korte multiplayer-sessies met vrienden is dat veel gevraagd. Dit is een titel die vroeger zonder moeite als budgetspel in de rekken zou belanden of waarbij je zou denken dat het prima titel is voor een weekendje lenen. Maar Nintendo trekt zijn vaste prijslijn door en met de Switch 2-prijsstrategie in het achterhoofd voelt dat pijnlijker dan ooit.
Die-hard fans van de Mario Sports-spinoffs vinden hier ongetwijfeld hun plezier en spelers die regelmatig vrienden over de vloer krijgen voor couch gaming halen hier zeker hun geld uit. Maar voor iedereen die voornamelijk solo speelt, is dit een moeilijk te verdedigen aankoop tegen de huidige prijs.

Conclusie:
Mario Tennis Fever is best wel een geslaagde partygame die met zijn fever-rackets zorgt voor een flinke portie chaos en de nodige toegankelijkheid injecteert om iedereen rond de televisie aan het lachen te krijgen. Als volwaardige solo-ervaring stelt het helaas wel teleur met een adventure mode die aanvoelt als een uitgerekte tutorial. Aan de volle prijs is het moeilijk aan te raden tenzij je een vaste groep medespelers hebt om de multiplayer-modi regelmatig mee aan te boren.









Reacties (2)
Deel je mening over dit artikel met andere GameQuarter-lezers
Plaats een reactie